Klinieken discrimineren singles en homo’s

Singles worden bij sommige fertiliteitsklinieken gediscrimineerd, volgens een onderzoek van De Opzij.

In mijn cliëntenkring ondervinden vrouwen en mannenstellen ook allerlei vormen van discriminatie bij klinieken. Omdat ze single zijn, maar vaak ook omdat de wensvader/donor homo is.

Kom je als hetero-stel bij een fertiliteitskliniek, dan word je bij sommige klinieken anders behandeld, dan als je daar komt als single vrouw die bijvoorbeeld wil co-ouderen met een homostel, of als je een homo-donor hebt.

Stel je hebt al een jaar thuis geprobeerd zwanger te worden van een homo-man (met behulp van spuitje en lege pindakaaspot), of het nu bedoeld is als donor of als co-ouderschap, laten we hem in dit stuk even “de donor” noemen.
Omdat hij homo is, zeggen deze klinieken dat ze het zaad eerst in quarantaine willen doen. Dat duurt zes maanden. Daarna kun je behandeld worden met het ingevroren zaad. Het maakt hierbij niet uit of het om IVF/ICSI gaat, of om KID/IUI.

Dus ondanks dat je

  • thuis zelf al 12 keer geïnsemineerd hebt met het zaad van deze “donor”
  • de mannen al jaren een stabiele monogame relatie hebben, en voorafgaand aan dit traject op HIV getest zijn
  • je een document hebt ondertekend bij de kliniek dat je alle risico’s van inseminatie door deze homo-donor aanvaardt
  • anderen in het ziekenhuis geen gevaar lopen door jouw inseminatie daar met dit donorzaad

moet je toch zes maanden wachten (dat zijn kostbare maanden als je achter in de dertig bent) én moet je met ingevroren zaad werken, dat wordt ontdooid. Dus ook na die quarantaine: géén inseminatie met vers zaad.
Dat ontdooide zaad geeft gemiddeld gezien een kleinere kans op zwangerschap. Bij sommige mannen is het zelfs zo dat ze “vers” goed genoeg vruchtbaar zijn, maar “ontdooid” nauwelijks.

Er zijn gelukkig ook klinieken die geen onderscheid maken. Bijvoorbeeld Nij Barrahûs (Wolvega) behandelt in zo’n geval als dit voorbeeld wel met vers zaad. Zij mogen echter alleen KID/IUI doen, en voor IVF/ICSI zijn ze afhankelijk van de protocollen van andere ziekenhuizen.

Nog lastiger wordt het als je als homostel bijvoorbeeld een zus hebt die wel een kindje voor je wil dragen, en een goede vriendin die eiceldonor wil zijn. Dan is er geen kliniek in Nederland die je wil helpen.

Sara Coster, kinderwenscoach